CDA Roermond

Nieuws archief

Armoedebeleid, het gaat er om wat we doen!

Tijdens de commissievergadering Burgers & Samenleving is gesproken over de evaluatie Armoedebeleid in Roermond. Er is nog veel werk aan de winkel. Doelen worden niet gehaald, moeten worden bijgesteld. Er ligt een belangrijke basis voor nieuw beleid, maar volgens Marieke Wijnbeld van het CDA gaat het maar om een ding: DOEN! Een voorzet voor nieuw beleid van het CDA Roermond.

In de Kadernota Kansarm? Kansrijk zijn prachtige doelen stelt: Er zou een kanteling gaan plaatsvinden. Met maatwerk zou de armoede worden teruggedrongen. We zouden met de mensen in gesprek gaan, op huisbezoek. Er zou nauw samengewerkt gaan worden met tal van professionele en vrijwilligersorganisaties en geprobeerd worden voorzieningen aan elkaar te koppelen. Het uitgangspunt zou zijn: één klant, één plan, één contactpersoon.

Het is zorgelijk dat we nu moeten lezen dat veel doelen niet of slechts gedeeltelijk zijn behaald. We begrijpen dat te maken met de toenemende complexiteit. Ook lezen we dat er landelijk sprake is van een toename van armoede en dat Roermond het relatief gezien nog niet eens zo slecht doet.

Maar als we dan lezen dat veel doelen niet zijn gerealiseerd, omdat de beoogde kanteling niet of onvoldoende heeft plaatsgevonden en maatregelen niet allemaal even effectief zijn uitgevoerd, dan maken we ons zorgen.

We lezen dat het interdisciplinaire overleg niet van de grond is gekomen, dat bij partners onduidelijk is waar signalen gemeld kunnen worden, dat mensen onvoldoende zijn geattendeerd op de budgetbegeleiding, dat huisbezoeken niet systematisch hebben plaatsgevonden, dat voorzieningen zoals de Armoedetelefoon niet of nauwelijks bekend zijn en dat de informatie op de website van de gemeente niet goed toegankelijk is.

Worden die zaken die op basis van bestaande beleid zijn blijven liggen op korte termijn nog opgepakt? Wat het CDA betreft is geen tijd te verliezen.

De armoede in Roermond is hoog, hoger dan het landelijk gemiddelde en ook hoger dan het Limburgs gemiddelde. En die armoede is de afgelopen jaren gestegen. Dat vraagt om meer aandacht voor armoede. Het gaat er niet alleen om wat we bedenken of wat we zeggen; het gaat er om wat we doen!

Het gaat om de zorg voor hen die armoede overkomt, armoede is meer dan een gebrek aan financiële middelen. Armoede bestrijden is een van de belangrijkste taken van de gemeente. Zeker met de decentralisaties die maken dat gemeenten steeds meer verantwoordelijk worden voor zorg en arbeid. Het CDA vindt dat de gemeente haar rol actief moet oppakken.

Bij het opstellen van een nieuwe armoedebeleid geeft het CDA u de volgende speerpunten mee:

- Iedere burger of betrokkene moet weten welke voorzieningen er zijn en hoe hij daar gebruik van kan maken. Armoedebeleid moet bereikbaar zijn voor iedereen die dat nodig heeft. Zet het beleid zo ruim mogelijk op en benut de maximale ruimte die de wet ons biedt. De sociale kaart van de gemeente moet actueel zijn en gemakkelijk te vinden zijn. Zorg ervoor dat ook anderen, zoals werkgevers, de sociale kaart weten te vinden als het nodig is en weten waar ze armoedesituaties kunnen melden.

- Erken dat armoede niet alleen een geldprobleem is, maar dat ook maatregelen nodig zijn rondom zorg, schulden, wonen, werken, scholing en participatie. Kijk naar de gezinssituatie. Kijk naar de mens in zijn totale omgeving. Kijk niet alleen vanuit de vraag waar iemand recht op heeft maar benader het vanuit de vraag wat iemand nodig heeft om weer zelf de draad te kunnen oppakken.

- Mensen die in een armoedesituatie zitten hebben daar niet voor gekozen. Ze zitten in een situatie die niemand wenst. Mensen moeten snel geholpen kunnen worden en de hulp kunnen krijgen die ze nodig hebben. Daarbij moeten we kijken naar de mens en veel minder naar de manier waarop we alles georganiseerd hebben. Zorg dat er één contactpersoon is én zorg voor persoonlijke gesprekken, die zijn belangrijker dan formulieren.

- Maak gebruik van de ogen en oren in de wijken en kernen, om zoveel mogelijk mensen die hulp nodig hebben te bereiken. Werk samen met instellingen, scholen, kerken, moskeeën, verenigingen en wijkcentra. Maatschappelijke initiatieven zijn de oren en de ogen van de gemeente, maar zij zijn geen verlengstuk van de overheid. Daarom is goede afstemming en communicatie met de maatschappelijke initiatieven belangrijk. Op die manier kan het bereik van het gemeentelijke armoedebeleid vergroot worden.

- Maak speciaal beleid voor kinderen in armoede. Maak werk van het project Kinderen doen Actief mee in Roermond (KAR). Zorg ervoor dat alle regelingen voor kinderen in kaart worden gebracht en voor een ieder die dat nodig heeft kenbaar zijn, zorg dat scholen en maatschappelijke initiatieven elkaar vinden. De scholen spelen een belangrijke rol. Zij ontvangen de signalen van armoede in gezinnen. Denk daarbij ook aan de jongeren die een MBO opleiding volgen. Zij kunnen geen studielening afsluiten en zijn vaak genoodzaakt hun vervolgopleiding uit te stellen of te staken, met alle risico’s van dien.

- Denk ook aan de toenemende armoede onder ouderen en chronisch zieken, deels als gevolg van de stapeling van bezuinigingen en de eigen bijdrage voor zorg en ondersteuning.

En dan nu. Hoe ziet het proces naar het nieuwe beleid er uit? Hoe worden de partners en de raad betrokken en wanneer mogen we het nieuwe beleidsplan verwachten en gaan we aan de slag?

Laat het nieuwe beleid een start zijn van een beweging waar de burgers van Roermond echt iets van zullen merken. Laten we de kanteling waarmaken. Het gaat er niet alleen om wat we bedenken of wat we zeggen; het gaat er om wat we doen!

cda-facebook